De nieuwe roman van Irvine Welsh is niet het meesterwerk dat Britse media ervan willen maken.
Kathy Mathys
‘Misdaad’ speelt zich af op twee fronten, die fel tegen elkaar afsteken. Tijdens de nerveuze flashbacks in de jij-vorm bevinden we ons op vertrouwd Welsh-terrein: in Edinburgh, waar ‘je alleen praatte als je gedronken had’. Het grootste deel van dit verhaal ontrolt zich in Miami en in de nabije Everglades, waar glibberige paaldanseressen en vraatzuchtige alligators schering en inslag zijn. Tenminste, als je er Ray Lennox’ levensstijl op nahoudt. Deze Schotse politieagent – zedendelinquentie is zijn specialiteit – trekt met zijn aanstaande bruid, Trudi, naar Miami om er het huwelijk voor te bereiden. Lennox hangt liever in bars rond dan dat hij bladert door bruidsbladen. Hij is een ex-drugsverslaafde en notoir lid van Narcotics Anonymous. Hij drinkt enkel nog af en toe een glaasje, tot hij ruzie krijgt met Trudi, er alleen op uit trekt en hervalt in witgepoederde zonden. De zaak waar Lennox voor vertrek aan werkte – de lustmoord op een meisje – laat hem niet los en hij ziet overal witte bestelbusjes met potentiële moordenaars. Tijdens zijn drugescapade in Miami kruist Lennox het pad van een verslaafde moeder wier dochter belaagd wordt door een georganiseerde pedofielenbende. Deze keer wil hij geen steken laten vallen.
Ernstig
Welsh, bekend van gitzwarte drug- en drankepistels als ‘Trainspotting’, schrijft in een opvallend ernstig register. De spot en het cynisme die vroeger van elke regel afdropen, ruimden veld voor sérieux en, tijdens de finale, sentiment. De flashbacks in jij-vorm zijn heel meeslepend geschreven en hier verkent Welsh donkere thema’s. Zo vraagt Lennox zich af welke verschillen er zijn tussen pedofielen en zijn macho-collega’s die zich tijdens een reis van het corps vergrijpen aan Thaïse kindhoertjes. Geweld en machtsmisbruik in politiecorpsen, onterechte promoties: het zijn onderwerpen die even aan bod komen in Welsh’ eerste misdaadroman.
De Miami-stukken, goed voor twee derde van het boek, zijn erg ongelijk van kwaliteit. Welsh weet de sfeer van de plek te vatten, maar de passages in de Everglades, waarin Ray het belaagde tienermeisje weghaalt uit de klauwen van de slechteriken, duren te lang en sprankelen niet genoeg. Welsh harkt ook teveel voorspelbare onderwerpen bij elkaar: de oppervlakkigheid van Amerikaanse media, Schots voetbal, de films van Guy Ritchie. Aan het einde van de rit komt Lennox tot de conclusie dat Amerika meer te bieden heeft dan grote auto’s en vreemde sporten. Geeuw. Trudi met haar coup soleil en valse nagels lijkt in de eerste helft een barbiepop en het is dan ook erg moeilijk om mee te leven wanneer het paar zich herenigt. Welsh is nooit goed geweest in personages, wat minder erg was toen de toon van zijn romans spottender was. Het slot van ‘Misdaad’ is ondraaglijk zoet. Op stilistisch vlak blijft Welsh de koning van de plastische beeldspraak: ‘ Hij voelt hoe zijn hersenen slinken en uitzetten onder zijn schedeldak en met hun rafelranden langs ruw, niet-meegevend bot schuren’. Jammer genoeg lezen we ook nogal wat beginnersbombast als ‘Doodsangst maakte zich van hem meester.’
Een bobbelige, wisselvallige rit, dus, die eerste misdaadroman van Welsh. De mix van WC-pot-humor met dodelijk ernst is niet helemaal geslaagd, de humor is matig en de personages zijn te schetsmatig.
*
Irvine Welsh – Misdaad – Arbeiderspers – 366 blz. – 19.95 €. – Oorspronkelijke titel: Crime.
